Defensie benadrukt beperkte afhankelijkheid van Starlink, zoekt naar Europese alternatieven
Het Ministerie van Defensie heeft gereageerd op Kamervragen over de afhankelijkheid van de Nederlandse krijgsmacht van Starlink, het satellietcommunicatienetwerk van SpaceX. In een brief aan de Tweede Kamer benadrukken de ministers van Defensie en Buitenlandse Zaken dat de krijgsmacht niet afhankelijk is van Starlink en dat er wordt ingezet op Europese alternatieven.

De Kamervragen, gesteld door de leden Boswijk (CDA), Van der Wal (VVD), Van der Werf (D66), Nordkamp (GL-PvdA), Dassen (Volt) en Van Dijk (NSC), kwamen voort uit zorgen over de potentiële risico's van afhankelijkheid van een commercieel bedrijf zoals SpaceX, vooral in het licht van recente uitlatingen van Elon Musk en Donald Trump.
Belangrijkste punten uit de beantwoording:
- Beperkte afhankelijkheid: Defensie stelt dat Starlink-terminals weliswaar in gebruik zijn, maar dat de krijgsmacht over andere systemen beschikt om in de primaire satellietcommunicatiebehoefte te voorzien.
- Europese alternatieven: De Europese Commissie werkt aan het ontwikkelen van autonome satellietcommunicatiecapaciteiten (GOVSATCOM) voor overheidsinstellingen, die ook militair gebruikt kunnen worden. Daarnaast wordt ingezet op het verbreden naar andere commerciële satellietcommunicatieaanbieders op de Europese markt.
- Spreiding van diensten: Defensie onderschrijft het belang van het spreiden van diensten om niet volledig afhankelijk te zijn van één partij. Er wordt samengewerkt met verschillende commerciële bedrijven en overheden.
- Autonome capaciteiten: Het ministerie erkent de noodzaak voor Europa om autonome capaciteiten te ontwikkelen en te exploiteren op het gebied van communicatie, positionering en ISR (Intelligence, Surveillance, Reconnaissance).
- IRIS2: Nederland steunt de ontwikkeling van de Europese satellietconstellatie IRIS2, die vergelijkbare diensten als Starlink zal leveren. Defensie is momenteel niet van plan om Starlink te verkiezen boven IRIS2.
- Nato Satellieten: De NAVO heeft geen eigen satellietcapaciteit, maar coördineert de inbreng van satellietcapaciteiten door bondgenoten. Ook zonder de inbreng vanuit de VS blijft de NAVO over ingebrachte capaciteiten beschikken.
De ministers benadrukken dat er altijd wordt gewerkt met een Primary, Alternate, Contingency, Emergency (PACE) concept als het gaat om verbindingen, zodat er altijd alternatieven zijn voor de primaire verbinding.